De wandelend blad

ALGEMENE NAAM : wandelend blad

ENGELSE NAAM : leaf insect

LATIJNSE NAAM : Phyllium philippinicum
 
FAMILIE : Phylliidae

In de tentoonstelling : het wandelend blad is één van de sterren van de nieuwe tentoonstelling van Nausicaa “Eilandverhalen”.
Met zijn ongelofelijke vorm en zijn langzame bewegingen laat het wandelende blad op spectaculaire wijze de mogelijkheden zien van de evolutie van het leven op aarde en van de extreme diversiteit in vormen van dieren.

Elk eiland is een ware broedkamer van biodiversiteit en onderscheidt zich door een heel eigen flora en fauna die nauw verbonden zijn met verleden en ligging. Maar de eilanden zijn kwetsbaar. De verstoringen in hun milieu en in hun levensomstandigheden bedreigen de fauna en flora zodat bepaalde soorten voor altijd dreigen te verdwijnen. De eilanden vervullen vaak de rol van schuilplaats, ze beschermen soorten die op het vasteland verdwenen zijn. De eilanden worden bevolkt door talrijke endemische soorten, dat wil zeggen soorten die nergens anders voorkomen. Dit is het geval voor dit reusachtige wandelend blad dat uitsluitend voorkomt op het eiland Luzon, in de Filippijnen.

Ook al zijn ze soms niet breed, de zeearmen die de eilanden van een archipel scheiden, kunnen toch een onneembare barrière vormen voor landdieren. Op andere eilanden dichtbij en verder weg zien we andere soorten wandelende bladeren die er volkomen verschillend uit zien.

De speciale levensomstandigheden en het isolement hebben het wandelende blad van Luzon in staat gesteld te overleven.

Verspreidingsgebied : deze soort komt uitsluitend voor op het eiland Luzon in de Filippijnen, eiland van de hoofdstad Manilla.

Habitat :
 hij leeft in het bladerdak, in de toppen van bomen van het tropisch oerwoud.

Voeding : de wandelende bladen voeden zich uitsluitend met bladeren. In hun natuurlijke omgeving: guaveboom (Psidium guajava) en mangoboom (Mangifera indica). Braam (Rubus fructicosus), framboos (Rubus idaeus), roos (Rosa sp.) en eik (Quercus robur, Quercus ilex) in gevangenschap.

Voortplanting : de voortplanting van wandelende bladen kan seksueel zijn (mannetje en vrouwtje) of parthenogenetisch. Dit laatste betekent dat het vrouwtje de enige ouder is: ze worden niet bevrucht en leggen daarom eitjes met uitsluitend vrouwtjes. Voor sommige soorten wandelend blad is het mannetje nog niet eens ontdekt. Wanneer de eitjes gelegd zijn, vallen die op de grond. Deze eitjes ondergaan een bepaalde incubatietijd in een erg vochtige omgeving en ontwikkelen draden (of haren) rond hun omhulsel. Vervolgens, als ze uitgekomen zijn, begint de baby zijn klim naar het bladerdak.

Grootte : het mannetje is ongeveer 5 cm lang, de vrouwtjes kunnen 7,5 tot 8,8 cm worden.

Bedreigingen en beschermende maatregelen : het wandelend blad wordt niet beschermd. Er zijn geen gegevens over dit onderwerp op de website van de UICN.http://www.iucnredlist.org/apps/redlist/search

Verhaal van de verzorger van de wandelende bladen : de wandelende bladen van Nausicaa komen uit de kwekerij van een liefhebber in de Pas-de-Calais die een website heeft opgezet: www.phyllium.fr. Hun repertoire van nabootsing bevat ook het imiteren van bladeren die door de wind bewogen worden. Nausicaa heeft een windmachine gemaakt die deze condities nabootst. Zo kun je ze zien dansen alsof het blaadjes op de wind zijn.

Bijzonderheden en capaciteit om een plaats in het ecosysteem te verwerven : in tegenstelling tot de meer bekende wandelende takken die eruit zien als een sprietje of takje, lijken de wandelende bladen als twee druppels water op een blad compleet met nerven en soms zelfs met de ongelijkmatige bruine randen van een oud blad. Deze geperfectioneerde nabootsing vormt zijn enige wapen tegen vijanden. De camouflage is compleet met een langzame voortgang door sprongetjes, wat lijkt op een blad dat door de wind vooruit geblazen wordt.
Ook is het wandelende blad enkele keren in de loop van zijn bestaan in de rui. 

Het wandelend blad en de mens : de eerste Europese ontdekkingsreizigers die wandelende bladen tegenkwamen, beschikten over geen enkele vergelijking en hadden soms fantastische theorieën over dit onderwerp.

Een deel van het verhaal van Antonio PIGAFETTA, één van de 18 overlevenden van de eerste reis om de wereld tussen 1519 en 1522 onder bevel van MAGELLAAN en vervolgens ELCANO, tijdens een stop op het eiland Cimbonbon (in de buurt van Borneo) :
"Op dit eiland vind je ook bepaalde bomen waarvan de bladen als ze vallen, leven en kunnen lopen. Ze lijken op bladen van de moerbei maar ze zijn korter. Ze hebben een korte en puntige steel waaruit aan elke kant twee poten komen. Als je ze aanraakt lopen ze weg, maar als je ze vertrapt komt er geen bloed uit. Ik heb er één negen dagen in een doos gehouden. Toen ik de doos opende, liep het blad rond in de doos. Ik denk dat hij zich voedt met lucht.”

Voor meer informatie en bronnen

Sites:

Phyllium
http://www.phyllium.fr/

Insectes.org
http://www.insectes.org/phyllium-sp/phyllie-des-philippines.html

Le monde des phasmes
http://lemondedesphasmes.free.fr/

UICN
http://www.iucnredlist.org/apps/redlist/search 

Stemmen